Impact OMI

OMI is een sociale onderneming. We onderscheiden ons van ‘gewone’ ondernemingen omdat we geen standaard businessmodel hebben maar een IDBM; een Impact Driven Business Model waarbij we gaan nadenken en werken aan een positieve impact/meerwaarde voor onze samenleving. Sociale ondernemingen hechten groot belang aan verbinding maken binnen of buiten hun sector om hun meerwaardedoelen te bereiken.

    Beschikbare microsponseringen.

    In het geval van OMI betekent dit:

    • Professionele ondersteuning aanbieden in het opruimen van particuliere woon – en werkruimtes met als meerwaarde aandacht voor het welzijn van de betrokkenen.
    • Het aanbieden van herstelgericht begeleidingen, een begeleidingsmethode die nog te weinig ingang vindt in ons regionaal ambulant welzijnsnetwerk.
    • De intentie (oa. via microsponsering) om bovenstaande diensten ook beschikbaar te stellen voor mensen met een laag inkomen.
    • We hierbij de meerwaarde van Ervaringsdeskundigheid in al zijn vormen aantonen.

     

    Onze gerealiseerde microsponseringen.

    Sociale project:

    ART IN EXILE
    Crowdfunding vanaf 6 maart t.e.m. 3 mei ’21

    De corona lockdown heeft in velen van ons de kunstenaar naar boven gebracht. Op sociale media zagen we de meest prachtige werken voorbijkomen. Dit geldt ook voor twee groepen die het in het afgelopen jaar bijzonder zwaar hebben gehad: studenten en mensen in (psy) herstel. Met het project Art in Exile willen we op een inclusieve en empowerende manier hun opmerkelijke veerkrachtverhaal brengen en hen een hart onder de riem steken.

    Verwacht een lach, een traan, en vele boeiende verhalen…

    ART IN EXILE: DE TENTOONSTELLING

    In het voorjaar willen we kunstwerken van twee getalenteerde en beproefde groepen samenbrengen en publiekelijk tentoonstellen: studenten en mensen in (psy) herstel. Meestal komen zij noodgedwongen in crisissituaties samen, ditmaal is creativiteit het gedeelde thema.

    We exposeren deze anonieme werken met een persoonlijke anekdote van de kunstenaar en hopen zo vonkjes van begrip en herkenning bij de bezoekers naar boven te brengen.

    De werken en verhalen zullen gratis op verschillende locaties in Kortrijk en Ieper te zien zijn, waaronder Zaal BK6, de Kazematten en in het najaar van ’21 op Vives Hogeschool campus Gezondheidszorg.

    Art in Exile Instagram account.

    ART IN EXILE behaalt haar doel!

    Om de tentoonstellingen te realiseren, deden we met deze campagne een oproep voor een financieel steuntje in de rug om creatievelingen de kans te geven met hun talenten naar buiten te komen.

    Wat we over hebben na de crowdfunding wordt in de microsponsering van sociale onderneming OMI ingebracht om mensen met een laag inkomen en begeleidingsnood te kunnen ondersteunen. Met een bedrag van 35 euro kunnen we al een gezin anderhalf uur ondersteunen in opruim- en/of herstelcoaching.

     

    Bedankt! We sloten onze crowdfundingcampagne op 4 mei ’21 af met een cijfer dat 109% van ons streefbedrag bedroeg!
    Na de eerste weken exposeren en enkele donaties verder kwamen we op 125% van ons budget, waauw!

    Na de eerste expo in Kortrijk berekenden we hoeveel microsponseringen we behaalden boven ons streefbedrag van €3000 en deze bedroeg 14!
    Na 2 expo’s en bij de start van ons toonmoment op Vives Hogeschool, konden we ons expomateriaal een circulair leven geven en bracht dit onze teller op 22 sponseringen!!!

    ART IN EXILE vind je op onze Facebook pagina en Instagram.

    Met bijzondere dank aan onze geweldige partners en sponsors: vzw Wit.h, Café BK 6,  Hedera centrum voor psychische revalidatie, Living Tables, POWEr Provinciaal Overleg West-Vlaamse Ervaringsdeskundigen, Slowwings barista’s, Vives hogeschool Kortrijk departement gezondheidszorg, Koen Demuynck netwerkcoördinator Netwerk Kwadraat, Valentijn Despeghel Schepen van Cultuur Ieper en Inloophuis Thus Poperinge.

    ———————————————————————–

    Herstellen in netwerken!

    Interview Dr. C.L. Niels Mulder op 14/02/2022

    over het boek ‘Netwerkpsychiatrie’ (BOOM/de Tijdstroom, 2020).

    In het kader van opleiding en eigen werk als hulpverlener/ervaringsdeskundige mocht ik iemand interviewen die een grote indruk op mij had nagelaten het afgelopen jaar. Dit bracht mij over de landsgrenzen naar Nederland, digitaal weliswaar…

     

    Korte inhoud boek;

    ‘Samenwerken aan herstel en gezondheid’

    ‘Met (lerende) netwerken maximaliseert netwerkpsychiatrie de kans op herstel. Ze zet de cliënt in de regie waar kan, betrekt naasten en professionals uit de ggz en het sociaal domein, bestrijdt versnippering in de zorg en bevordert inclusie in de samenleving.

    Dit boek geeft concrete handvatten om netwerkpsychiatrie in de praktijk te brengen, zonder dat grote systeemwijzigingen nodig zijn. U kunt er dus morgen al mee beginnen.’ 

    Interview

    • Kun je mij vertellen wat de achterliggende levensfilosofie is van het boek ‘Netwerkpsychiatrie? Is jouw beroepskeuze een logisch gevolg op persoonlijke visie op het leven of levensgebeurtenissen?

    Als hij erover doordenkt dan is het boek vanuit een bepaalde levensfilosofie geschreven maar dat ligt niet heel erg op de voorgrond. Zijn eigen keuze om psychiater te willen worden en te werken in de sociale psychiatrie bevat allerlei kanten; leuk werk, de wens om arts te worden, interessant om ingewikkelde problemen samen te proberen oplossen.

    Interessant om zowel, wat medische problemen betreft; (ernstige) psychiatrische aandoeningen maar ook sociale/maatschappelijke problemen die eraan zijn verbonden, te gaan behandelen. Deze laatste kunnen namelijk ook een reden zijn dat mensen psychiatrische problemen krijgen.

    Ontwarren van die knoop is interessant en leuk om te doen en ook omdat dat altijd in samenwerking is met collega’s, patiënten en familie om naar een betere situatie te werken.

    Netwerkpsychiatrie is voortgekomen uit heel veel gesprekken de afgelopen 20 jaar met collega’s, patiënten en familie over de versnippering van de zorg die ook een probleem is. Mensen gaan van de ene hulpverlener naar de andere hulpverlener en ze ontmoeten dan soms wel goede praktijken maar ook matige praktijken. Daarnaast is de samenwerking met naasten en patiënten ook niet altijd optimaal. We hebben geprobeerd om vanuit ervaringen die we opgedaan hebben met andere modellen (zoals FACT of HIC) daaruit goeie praktijken op te schrijven en die worden echt wel geïmplementeerd in Nederland en inmiddels ook wat meer in België.

    Via de netwerkpsychiatriegedachte worden al die initiatieven aan elkaar verbonden om te werken in de triade met patiënten en familie samen, over domeinen heen, samen met het sociaal domein en verschillende intitiatieven in de psychiatrie. Niet alleen theoretisch maar ook praktisch door de netwerkgroepen/resourcegroepen, de basis van de netwerkzorg. Dit gaf ons wel een goede manier om het praktisch in te vullen. Daar komen heel wat dingen bij elkaar.

    • Het boek verscheen in het najaar van 2020, ruim een jaar geleden, en is een pleidooi voor integrale ggz. Wat zijn opmerkelijk positieve evoluties die je kon zien bvb in België of voor jou in Nederland, sinds het verschijnen ervan?

    In Nederland zijn er nu verschillende instellingen die met netwerkpsychiatrie aan de slag zijn in het kader van ‘doorbraakprojecten Netwerkpsychiatrie’, zoals dat in Nederland heet. Elf instellingen zijn hiermee aan de slag en dit met resourcegroepen over sociaal domein en psychiatrie heen. Dit gebeurde voorheen wel al een beetje; samenwerking tussen naasten, eventueel tussen instelllingen, en is een verdere praktische doorontwikkeling van wat er als was.

    Je ziet allerlei variaties van resource-/netwerkgroepen bvb in Denemarken zien we dit nu ook. Het is niet heel uniek om in de triade te willen werken, op heel veel plekken gebeurt het al langer en het kan ook op allerlei manieren. De tijdgeest was er een beetje rijp voor dat iedereen zegt; we moeten toch wat beter met elkaar gaan samenwerken en voor de ‘wat’ en de ‘hoe’ vraag is dit boek daar een goede praktische manier voor.

    • Uit de ervaring die er nu is met netwerkzorg; hoe denk je dat deze praktijk tijdens verdere integratie in het Belgische zorgsysteem zal evolueren?

    Hij vindt het zeer moeilijk hier iets over te zeggen want hij kent de Belgische psychiatrie niet zo heel goed en heeft weinig idee hoe het in België zal gaan. Hij merkt op dat huisartsen in België meer ondersteuning bieden bij psychische problemen, wat wel heel anders is dan in Nederland.

    Voor Nederland hoopt hij dat triadisch werken meer de normale praktijk zal worden en gelukkig vinden veel mensen dat. Cliënten vragen daarnaast veel meer de regie. Samenwerking tussen ggz en sociaal domein/gemeentes, sociale wijkteams duiken her en der op.

    Niels heeft wel het gevoel dat deze praktijk en visie zich zal doorzetten. Misschien niet precies zoals in het boek beschreven maar eventueel in variaties op dit thema.

    • Ik ben hulpverlener en ervaringsdeskundige in België. Welke tips heb je voor mij en al mijn collega-hulpverleners om deze verbindende houding op cliëntniveau te blijven realiseren?

    Als ervaringsdeskundigen bijvoorbeeld met patiënten in aanraking komen, kan men proberen te stimuleren dat de cliënt echt zelf gaat nadenken over zijn eigen herstel. Hoe die dat wil bereiken en wat die daarvoor belangrijk vindt. In de brede zin; hoe die wil wonen, met welke mensen die wil omgaan, wat voor werk men wil doen, welke medicijnen en welke psychotherapie?

    ED kan daarnaast stimuleren, naast het nemen van die regie, wie in de omgeving hen daarbij kan helpen… Herstel is namelijk vaak makkelijker met andere mensen dan alleen. Wie kan intensiever optrekken zodat je het niet alleen hoeft te doen; een vriend of vriendin, leraar, buur, familie?

    • Deze vraag werd door de directeur van COVIAS, een organisatie waar ik deel uitmaak van een team ‘Begeleiding en Behandeling’, uitgebreid voor het netwerk; hoe kan tussen de pijlers van de eigen organisatie en van de partners in de regio, verbinding gemaakt worden?

    In doorbraakprojecten wordt dit gestimuleerd ook. We vertrekken steeds vanuit de cliënt. Alles wat je doet moet ook uiteindelijk betrekking hebben op de cliënt. Stel; de organisaties waarmee je samenwerkt op de regio kunnen bvb. ondersteuning bieden bij werk of bij woonbegeleiding of schuldbemiddeling. Waarop we dan hopen is dat als er iemand op intake komt, er een netwerkintake gebeurt.

    Deze intake is hopelijk al met iemand die je ondersteunt uit je eigen netwerk en dit wordt trouwens ook telefonisch gestimuleerd bij het maken van de afpraak. Cliënt doet zijn verhaal en intaker vraagt; hoe woon je? Hoe is het met je financiën? Wat doe je overdag? Wat wil je? Hier komen bepaald wensen uit naar voor… bvb ik zoek een vrijwilligerswerk. Misschien is er een organisatie in de buurt die kan helpen en bij jouw behandeling kan aansluiten. Ideaal doe je het telefoontje bij de cliënt. Hieruit kunnen ook organisaties naar voor komen waar al contact of begeleiding bij is. Dat kan ook via een zoommeeting.

    Bij terugval kunnen bvb. schulden terugkomen en is het dan goed dat de schuldhulpverlener daarvan weet. Je kan dus in ggz klaar zijn maar met je schulden nog niet en dan blijft die hulpverlener bij je groepje. Er kunnen dus professionals wisselen maar jij en je naasten blijven in je netwerkgroepje. Je probeert de zorg op het niveau van de cliënt goed te coördineren zodat de belangrijke dingen voor iedereen geweten zijn.

    Als de instellingen dit weten dan vinden de professionals elkaar makkelijker, kan er makkelijker even bij het groepje aangesloten worden. Zo kan een terugval eventueel vermeden of beperkt worden.